College
Informatie en Communicatietheorie (5JK00):
DEEL 2, COMMUNICATIETHEORIE (2010)
Inhoud, Eindtermen
·
Hoofdstuk
1, “Decision Rules for Discrete Channels”. Eindtermen:
Na bestudering van dit stuk stof (a) kun je de MAP decision
rule toepassen en de resulterende foutenkans bepalen.
Je weet ook wanneer je de ML decision rule mag gebruiken i.p.v. de MAP rule.
(b) Je kunt optimale detectoren voor het discrete scalaire
en vector kanaal bepalen en de resulterende foutenkansen.
·
Hoofdstuk
2: “Decision Rules for Real Channels”. Eindtermen:
Na bestudering van dit hoofdstuk kun je (a) de MAP (en ML) decision
rule bepalen voor een scalair
kanaal met een reële input en reële output, en meer specifiek voor het Gaussische kanaal, en de bijbehorende foutenkans
uitrekenen, (b) voor het Gaussische geval daarbij
gebruik maken van de Q(-) functie, (c) de werking van een communicatiesysteem
gebaseerd op een reëel vector kanaal begrijpen, (d) de MAP decision
rule en de ML rule voor
deze vector situatie toepassen en de resulterende foutenkans bepalen in
eenvoudige gevallen, (e) de MAP en ML rule toepassen
op het additieve Gaussische
vector kanaal, en de resulterende foutenkans bepalen in eenvoudige gevallen,
(f) in termen van de Q(-)-functie de kans bepalen dat een punt ontvangen wordt
aan de verkeerde kant van een hypervlak, (g) een
bovengrens voor de foutenkans afleiden met behulp van union
bound, en (h) de theorema’s van irrelevance
en reversibility begrijpen en toepassen.
·
Hoofdstuk 3: “Waveform Channels”. Eindtermen: Na bestudering van dit
hoofdstuk moet je (a) de werking van een communicatiesysteem gebaseerd op een waveform kanaal begrijpen, (b) weten wat building block waveforms zijn (orthogonaliteit, energie), (c) bij een waveform-set
een verzameling van building-block waveforms kunnen bepalen (bijv. met de Gram-Schmidt
procedure), en ook de bijbehorende vector-representatie
van de waveforms kunnen
uitrekenen en de signaal structuur, (d) een optimale demodulator-structuur
(de structuur waarin het ontvangen signaal wordt gecorreleerd met alle building
blocks) kennen, (e) weten dat de vector (r1,r2, … ,rN) volstaat om een optimale ontvanger te realiseren, en
(f) de equivalentie tussen het waveform kanaal en het
vector kanaal kennen, en dus in staat zijn om het optimale vector-ontvanger
gedeelte van de ontvanger te kunnen bepalen alsmede de resulterende foutenkans.
·
Hoofdstuk
4: “Receiver Implementation, Matched Filters”. Eindtermen:
Na bestudering van dit hoofdstuk moet je (a) de structuur van de correlatie-ontvanger kennen, (b) weten hoe je een
correlatie operatie kunt vervangen door een matched-filter
en sample operatie, (c) de structuur van een matched-filter ontvanger kennen, (d) de structuur van een
directe ontvanger kennen, (e) de Parseval relatie
tussen waveforms en de corresponderende vectoren
kennen en ermee kunnen rekenen, en (f) weten dat een matched
filter de signal-to-noise ratio maximaliseert.
·
Hoofdstuk
5: “Signal Energy Considerations, Orthogonal Signals”. Eindtermen: Na bestudering van dit hoofdstuk moet je (a) de oorsprong van
het coordinaten-stelsel zo kunnen kiezen dat de
gemiddelde energie van een signaal structuur geminimaliseerd wordt en weten dat
de oorsprong dan moet samenvallen met het zwaartepunt van de
signaal structuur, (b) weten wat FSK en PSK modulatie is en kunnen afleiden dat
FSK een twee keer hogere signaal-ruis verhouding
nodig heeft dan PSK om dezelfde foutenkans te bereiken, (c) weten wat een orthogonale signaalset is en kunnen afleiden wat de
optimale detector hiervoor is, (d) een formule kunnen geven voor de foutenkans
PE voor een set van even waarschijnlijke orthogonale
signalen, en (e) er van op de hoogte zijn dat een energie N0 ln 2 per bit volstaat om betrouwbaar te kunnen communiceren
met orthogonale signalen.
·
Hoofdstuk
6: “Signaling for Message Sequences, Time, and Bandwidth”. Eindtermen:
Na bestudering van dit hoofdstuk ken je de eigenschapen van bit-by-bit
en orthogonale signalering, (b) weet je wat de
capaciteit van het wideband kanaal is in bits per
seconde, (c) dat er 2W dimensies per seconde er in een kanaal passen met een
bandbreedte W, en (d) dat je sinussen en cosinussen als building blocks kunt gebruiken om 2W dims/s
te halen.
·
Hoofdstuk
7: “Bandlimited and Wideband Transmission”. Eindtermen:
Na bestudering van dit stuk stof moet je (a) de capaciteit van het bandlimited waveform channel
kunnen bepalen, (b) weten hoe de formule tot stand is gekomen (capaciteit per
dimensie, aantal dimensies per seconde), en de capaciteit van het wideband waveform kanaal kunnen
afleiden uit de capaciteits-formule van het bandlimited waveform channel, (c)
de capaciteit van een wideband channel kunnen
bepalen, en (d) weten wat het capaciteits-begrip
inhoudt.
·
Hoofdstuk 8: “Pulse Amplitude Modulation”. Eindtermen: Na
bestudering van dit hoofdstuk moet je (a) het Nyquist
criterium (frequentie-domein eis) kunnen gebruiken om
na te gaan of een puls bij een bepaald modulatie-interval resulteert in een set
van building-blocks (tijd-domein
eis), (b) weten wat de minimale bandbreedte is die bereikt kan worden met puls-transmissie, gegeven het modulatie interval, (c) ook
weten dat een sinc-puls dit minimum realiseert, en
(d) weten wat de receiver-structuur is bij puls-transmissie.
·
Hoofdstuk 9: “Bandpass Channels”. Eindtermen: Na bestudering van dit
hoofdstuk moet je (a) weten wat de building-blocks
van een quadratuur-multiplexing systeem zijn, (b)
weten dat een band-doorlaat kanaal met doorlaatband
[f_0-W, f_0+W] correspondeert met maximaal 4W dimensies per seconde, (c) de
capaciteit van dit kanaal kunnen berekenen (per dimensie en per seconde), en
(d) weten dat 4W dimensies per seconde gerealiseerd worden door shifted sinc-pulsen als building-blocks te gebruiken.
Oefenopgaven:
1. Hoofdstuk 1, opgave 2 en 3. Inleveren op
dinsdag 20 april, voor de aanvang van de instructie. Uitwerkingen1.
2. Hoofdstuk 2, opgave 1 en 5. Inleveren op
dinsdag 27 april, voor de aanvang van de instructie. Uitwerkingen2.
3. Hoofdstuk 3, opgave 1a en 2. Inleveren op
donderdag 6 mei, voor de aanvang van de instructie. Uitwerkingen3.
4. Hoofdstuk 4, opgave 1 en 2. Inleveren op
dinsdag 11 mei, voor de aanvang van de instructie. Uitwerkingen4.
5. Hoofdstuk 5, opgave 2 en 3. Inleveren op
dinsdag 18 mei, voor aanvang van de instructie. Uitwerkingen5.
6. Hoofdstuk 6, opgave 1 en 3. Inleveren op
donderdag 20 mei, voor aanvang van de instructie. LET OP: gebruik bij opgave 1 de
combinaties 000, 011, 101, 110, i.p.v. de eerder genoemde combinaties. Uitwerkingen6.
7. Hoofdstuk 7, opgave 3 en 6. Inleveren op
dinsdag 25 mei, voor de aanvang van de instructie. LET OP: Instructie in PT
105, EERSTE en TWEEDE UUR. Uitwerkingen7.
8. Hoofdstuk 8, opgave 1 en 2. Inleveren op
donderdag 27 mei, voor aanvang van de instructie. Uitwerkingen8.
9. Hoofdstuk 9. Uitwerkingen9.
OPMERKING: Samenwerken in
groepjes (niet te groot) is toegestaan.
Rooster:
1. Hoofdstuk 1: college 7u+8u vrijdag 19
maart, oefenopgaven bespreken 3u dinsdag 20 april.
2. Hoofdstuk 2: college 1u+2u donderdag 22
april, oefenopgaven bespreken 3u dinsdag 27 april.
3. Hoofdstuk 3: college 7u+8u vrijdag 23
april, en 1u donderdag 29 april, oefenopgaven bespreken 7u donderdag 6 mei.
4. Hoofdstuk 4: college 2u donderdag 29
april, oefenopgaven bespreken 3u dinsdag 11 mei.
5. Hoofdstuk 5: college 1u+2u donderdag 6
mei, oefenopgaven bespreken 3u dinsdag 18 mei.
6. Hoofdstuk 6: college 7u+8u vrijdag 7 mei,
oefenopgaven bespreken 7u donderdag 20 mei..
7. Hoofdstuk 7: college 1u+2u donderdag 20
mei, oefenopgaven bespreken 1u dinsdag 25 mei. LET OP: Instructie in PT 105,
EERSTE UUR en TWEEDE UUR!
8. Hoofdstuk 8: college 7u+8u vrijdag 21 mei,
oefenopgaven bespreken 7u donderdag 27 mei.
9. Hoofdstuk 9: college 1u+2u donderdag 27
mei, oefenopgaven bespreken 7u donderdag 27 mei.
Locatie,
lestijden:
College op donderdag 1ste
en 2de uur en vrijdag 7de en 8ste
uur (PT 105).
Instructie op dinsdag 3de
en 4de uur (PT 605 en PT 623) en donderdag
7de en 8ste uur (PT 105).
Examen
Voorbereiding: Voor vragen over deze stof s.v.p. Tjalling
Tjalkens, PT316 benaderen
(van 31 mei tot 4 juni).
Stof:
DICTAAT, BOEK, en/of
FORMULEBLADEN MOGEN NIET GEBRUIKT WORDEN !!! Wel
twee A4-kantjes met alleen formules en geen uitwerkingen van opgaven.
Datum examen: 7 juni, 2010, 9.00 – 12.00.